Legging voor mezelf 2/8/2017 Tarot de Marseille.

De meesten die mij persoonlijk kennen, uit mijn cursussen of die al bij mij aan tafel gezeten hebben voor een consult weten dat ik een buitenbeentje ben als het aankomt op spiritualiteit. Vaak verschilt mijn visie heel erg met de pensée unique. Mijn wetenschapsbrein zorgt er voor dat ik de kaarten lees voor wat ze waard zijn voor de mensen, zij kiezen zelf of het waar of niet waar is en of ze er waarde aan hechten of niet.

Mijn inbreng is dat ik me meester maak van de meest authentieke methodes en kunstgrepen met de kaarten, dat is de garantie die ik kan geven aan de mensen en dat is “as good as it get’s”.

Mijn vraag aan de TDM: ” Hoe krijg ik meer vertrouwen (als dat überhaupt voor mij al mogelijk is) in het werkbare van het metafysische gedeelte bij het kaartleggen (zoals mijn collega’s dat doen)?

20525197_10154868454819677_7541131812917286192_n

XXI, LE MONDE+ REYNE°DE°BATON+REYNE°DE°COUPE

LE MONDE, was de eerste kaart op tafel. Deze kaart staat in de middeleeuwse en christelijke allegorieën voor het ultieme eindstation, het hemelse, het zaligmakende. Je kan deze laatste troefkaart ook verbinden aan Prudentia (-toch volgens de neoplatonische leer, die duidelijk zijn grote impact heeft op de Tarot).

Deze toestand van “zaligheid” (XXI), bereik ik door als de REYNE DE BATON, pro actief met de scheppende wand (Baton) en animo te scheppen met veel aplomb zoals deze Reyne zich laat voorstellen. Dan zal ik zien wat ik krijg aangeboden in de beker, die vele zaken kan voorstellen maar vooral iets moois.

Conclusie: Moet ik zelf iets scheppen, iets metafysisch, een idee, een actie en dan gewoon kijken wat het brengt, wat ik ervoor in de plaats krijg? Als wetenschapper begrijp ik dit als een actie die ik maak en een reactie die ik krijg…

Is het creëren van iets metafysisch ook meteen het bewijs van iets metafysisch? Daar kan ik eventueel mee leven als “verschijnsel” en dit als “magisch” bestempelen…

Dat moet eventjes zakken, het klikt omdat er tastbaarheid in zit…

 

Advertenties

Filosofie & Tarot deel I

Eudaimonisme…wasdana???

aristoteles (1)

Aristoteles

Dit is de term uitgevonden door de Griekse filosoof Aristoteles (342-322VC). Hij was van mening dat als de mensheid zijn morele verantwoordelijkheid neemt en wijsheid nastreeft in het leven  vanzelf gelukkig wordt. Dit behoudens externe factoren die roet in het eten gooien. Desalniettemin zou dan moreel verantwoord leven alsnog het meeste soulaas brengen en hem of haar zo dicht mogelijk bij het einddoel van gelukzaligheid brengen. Tenslotte wil iedere mens geluk nastreven.

Hij ontwikkelde hiervoor zowaar een “deugdenethiek” (Ethos= karakter in het Grieks). Plato (leerling van Socrates), die leraar van Arestoteles was, had het in zijn werk (Politeia) al over de kardinale deugden. Plato is zonder meer een van de meest invloedrijke denkers in de Westerse filosofie en grondlegger van menig idee of stelling.

De vier kardinale deugden waren: Prudentia (voorzichtigheid/verstandigheid/wijsheid), Iustitia (rechtvaardigheid/rechtschapenheid), Fortitudo (moed/sterkte) en Temperantia (gematigdheid/zelfbeheersing). Door Thomas van Aquino werden deze kardinale deugden tezamen met de drie goddelijke deugden (Fides-geloof, Spes-hoop, Caritas-naastenliefde) tot de zeven deugden van de Katholieke filosofie en moraalleer gerekend.

Aristoteles  werkte de kardinale deugden uit tot een begrijpbaar en toepasbaar ideeënstelsel dat de mens moest toepassen ten einde gelukkig te worden.

In de tweeëntwintig troefkaarten van de “standaard tarot” zitten er zonder enige twijfel drie allegorieën van deze kardinale deugden.

Dit zijn volgende kaarten:

Meerdere kaarten zouden Prudentia (Wijsheid/voorzichtigheid) kunnen uitdrukken via het concept dat zij uitdrukken. Hierover zijn de meningen verschillend.

Mijn favoriete kaart hiervoor is

the-hermit

Het idee van Arestoteles was, dat kennis en wijsheid uit ervaring en empirisch onderzoek en observatie komen. Je zou heel simpel kunnen stellen dat er drie soorten mensen zijn: 1)de idioot, 2)de normale, 3) degene met wijsheid.

De idioot, die maakt een fout en maakt daarna dezelfde fout en blijft dit mogelijks herhalen.

De normale mens, maakt de fout eenmalig, trekt zijn lessen en maakt de fout nooit meer

De persoon met wijsheid, deze heeft geobserveerd wat de idioot en de persoon met kennis gedaan hebben om zelf de fout niet te hoeven maken.

De kerngedachte is hier dus dat teneinde zo goed (gelukkig-)mogelijk te leven men het best lering trekt uit het leven en ervaring van andere mensen, zeker op het vlak van fouten maken, die tot ongeluk leiden of geleid hebben.

Er werd door Arestoteles in de eerste plaats niet zozeer gekeken naar welk gedrag goed of fout was, hij observeerde eerder naar mensen excellent presteerden en ging vervolgens kijken welke goede karaktertrekken (deugden) deze excellente prestaties/toestanden veroorzaakten. Dit was nog niet zozeer de metafysische benadering van de moraalleer, want die kwam pas later. Het ging er louter om, te kijken, welk goed karakter er nodig was om uitmuntend te presteren (de ethiek voor een excellent leven).

Wordt vervolgd…